Maurits von Martels bij de door waterstof aangedreven pendelbus in Mainz (aangeleverde foto)

 

 

 

 

DEN HAAG / MAINZ – ‘In Duitsland werken overheid en bedrijven al jaren samen in een waterstofprogramma. Heel veel van de waterstofprojecten daar bestaan alleen dankzij de ruime subsidies. De ervaringen laten zien dat het technisch allemaal kan maar dat er nog heel veel water door de Rijn zal moeten stromen voordat het voor grote groepen haalbaar, betaalbaar en daardoor ook bereikbaar zal zijn!’ Aldus het Tweede Kamerlid Maurits von Martels op zijn CDA Facebookpagina over het werkbezoek aan de waterstoffabriek van Siemens en Linde Gas in het Duitse Mainz.

Hij was daar donderdag en vrijdag met zijn collega’s Suzanne Kröger (GroenLinks), Mustafa Amhaouch (CDA), William Moorlag (PvdA), Chris Stoffer (SGP) en Linda van Houwelingen, EU specialist van de Vaste Kamercommissie van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Vanuit zijn functie als EU rapporteur Clean Mobility leidde D66’er Matthijs Sienot de Nederlandse delegatie. De reis naar Mainz en vice versa ging overigens per trein.

De politici spraken onder meer met Volker Wissing, de minister van Economische Zaken en Transport, alsmede met Jan Wegener van NOW GmbH en Falk Schulte-Wintrop, hoofd Busioness Analysis & Development van H2 Mobility. De laatste twee zijn autoriteiten op het gebied van mobiliteitsvraagstukken en waterstof kan een oplossing zijn. Om de toepassing van waterstof inzichtelijk en tastbaar te maken werd een auto afgetankt met enkele kilo’s waterstof (een eenheid waterstof wordt weergegeven in gewicht en niet in hoeveelheid). Aansluitend werd er een korte rit gemaakt. Overigens is waterstof tanken niet ingewikkeld. De procedure is vergelijkbaar met die van LPG.

De ‘energiefabrik’ in de deelstaat Rijnland-Palts werd in juli 2015 in gebruik genomen en functioneert als proefopstelling. Er wordt elektriciteit via elektrolyse (een chemisch proces, red.) omgezet in waterstof en zuurstof. Dit is een van de manieren om een overschot aan wind- en zonne-energie op te slaan. Het geproduceerde waterstof wordt gecomprimeerd in tanks bij de fabriek opgeslagen en geschikt gemaakt voor transport met tankwagens. Deze elektrolyse gebeurt met een efficiency van 60 tot 65 procent. Ruim een derde van de energie gaat dus verloren en daarom is het niet handig om waterstof gebruiken om elektriciteit te produceren. Waterstof is wel heel geschikt als brandstof in een stadsbus of auto omdat het efficiënter is dan diesel. Door deze toepassing wordt een deel van het efficiency-verlies bij de elektrolyse goedgemaakt. Om de energie-efficiency goed te kunnen vergelijken moet altijd naar de hele keten worden gekeken en niet naar de afzonderlijke onderdelen.
Een mengsel van waterstof en methaangas kan probleemloos aan het aardgasnet worden toegevoegd. Dat biedt wellicht perspectief voor bezitters van een cv-ketel. Door deze te laten modificeren kan deze functioneren op het mengsel van waterstof en methaangas. In de jaren vijftig werd er verwarmd met en gekookt op stadsgas dat bestond uit methaan, waterstof en koolmonoxide. De combinatie waterstof en methaan kan tevens worden gebruikt voor voertuigen die op aardgas rijden. Gasunie en AkzoNobel hebben vergevorderde plannen om in Delfzijl een elektrolysefabriek van 20 megawatt te bouwen. De installatie moet water gaan omzetten in zuurstof en waterstof. Op waterstof kunnen auto’s en bussen schoon rijden en voor chemiebedrijven dient waterstof als grondstof.

Vorig jaar vertelde wethouder Ruud van Leeuwen van de gemeente Dalfsen dat er in de toekomst twee waterstofstations in de gemeente staan gepland, waarvan een aan de Hessenweg.

 

Dit kijkje in het werkbezoek aan de waterstoffabriek kwam tot stand met medewerking van Maurits von Martels, Tweede Kamerlid voor het CDA en woonachtig in Hessum (gemeente Dalfsen).

 

(aangeleverde foto’s)