(eigen foto)

 

 

DALFSEN – Waar gebeurt het allemaal, waar wordt onze stroom opgewekt? Dat wilden de leden van zonnestroomcoöperatie Dalfsen Stroomt wel eens weten. En dus waren ze zaterdag massaal naar houtbedrijf Foreco gekomen om met eigen ogen te zien waar nu die panelen eigenlijk liggen en de omvormers hangen. Het was druilerig weer, de zon ging schuil achter een grijs wolkendek, maar weinigen trokken zich daar ook maar iets van aan.

Dalfsenaar Dennis Heitbrink bijvoorbeeld. Hij was daar met vrouw en kinderen puur uit nieuwsgierigheid komen aanwaaien. Want, wat is er nou te zien van die panelen? Nou helemaal niks. Tenminste, als je met beide benen op de grond staat. De panelen liggen op het dak van Foreco, uit het zicht en dat is ook precies wat de coöperatie voor ogen heeft. “Eerst de daken vol leggen en dan pas gaan nadenken over zonneparken op landbouwgrond”, aldus Gerard Brakkee, een van de initiatiefnemers van Dalfsen Stroomt. Ondertussen schenkt compagnon Henk Luning het zoveelste kopje koffie in voor een koppeltje ‘aandeelhouders’, zoals hij ze gekscherend noemt. “De coöperatieleden proviteren gezamenlijk van de opgewekte energie. Na een jaar wordt er voor het eerst uitgekeerd en dat zal geen hoog bedrag zijn. Het aflossen van de lening bij de Triodos Bank heeft prioriteit. Als dat achter de rug is, zeg na een jaar of vijf, dan merken de participanten dat aan hun bankrekening. Binnen dit project zijn alle panelen inmiddels vergeven. Er bestaat zelfs een wachtlijst”, vertelt Henk Luning. De Ambachtelijke Vechtdal Brouwerij is zo’n beetje lid van het eerste uur. Het pand waar de brouwerij is gevestigd is van tijdelijke aard en eigen zonnepanelen zijn geen optie. Brouwer Jos Terlaak: “Daarom is deze constructie zo mooi. Ideaal als je eigen dak niet geschikt is of als je in een huurwoning zit. Met veertig panelen zitten we wel aan het maximum wat de coöperatie aanbiedt. We hadden er graag meer gehad.”

Het blijft niet bij dit ene project. De waterkrachtcentrale is in voorbereiding, maar er moeten nog veel procedures worden doorlopen. Met een beetje geluk wordt medio 2020 blauwe stroom geleverd, opgewekt door het wassende water van de Vecht. 

Initiatiefnemers van kleinschalige zonneparken zoals die van Dalfsen Stroomt, hoeven zich vooralsnog niet ongerust te maken over teruglevering aan het net, al is de capaciteit niet oneindig. Enexis, de netwerkbeheerder voor Overijssel, waarschuwt daar nu al voor. Op het overzichtskaartje van Enexis is duidelijk te zien hoe het met de capaciteit is gesteld. Hoofdstroomaanemer TenneT, zeg maar de partij die verantwoordelijk is voor de aanleg van het hoogspanningsnet, en netwerkbeheerder Enexis zijn inmiddels al zover dat ze bij nieuwe aanvragen standaard melden dat er op korte termijn niet altijd direct voldoende capaciteit kan worden geboden. Volgens een zegsman bij Enexis heeft dat alles te maken met het feit dat de Rijksoverheid wat betreft zonne-energieprojecten niet de vinger aan de pols houdt, in tegenstelling tot bij windmolenparken. Dat mag worden gezien als een rechtstreeks appel aan de overheid die de energietransitie hoog in het vaandel heeft.